Recensie: Liefde en dood in Dublin

Dublin 19 september 2015: Irish Museum of Modern Art. Een week geleden opende de tentoonstelling met de provocerende titel ‘What we call love, from Surrealism to Now’. Ik stond nog maar net oog in oog met Brancusi’s  ‘Kus’ toen een mailbericht me met een harde realiteit confronteerde. Joop Leibbrand, ex-stadsdichter van Den Helder was deze ochtend overleden. Maar Joop was meer dan alleen maar een dichter. Hij leerde me schrijven over poëzie en diepte op zijn eigen rustige manier mijn liefde voor kunst en taal verder uit.  Vanuit Dublin een overzicht van een tentoonstelling die de toeschouwer laat stilstaan bij de veranderende context van liefde en tegelijk een hommage aan een minzaam man.

NationalMuseumofModernArtsHet Irish Museum of Modern Art (IMMA) bevindt zich in de toenmalige gebouwen van het Royal Hospital Kilmainham, een van de mooiste gebouwen uit het 17e eeuwse Ierland. Het werd in 1684 gebouwd in opdracht van James Butler, de hertog van Ormond en onderkoning van Charles II. Meer dan 250 jaar vonden gepensioneerde soldaten hier een onderkomen.  In 1984 werd het Royal Hospital Kilmainham gerestaureerd en op 25 mei 1991 opende Eerste Minister Charles J. Haughney het huidige museum voor moderne kunst.  Sindsdien bouwde het museum een stevige reputatie op met kleine, maar verrassende tentoonstellingen die perfect aansluiten bij de intimistische architectuur van kleine ruimtes.

In de tentoonstelling ‘What we call love’ onderzoeken curatoren Christine Macel (Centre Pompidou) en Rachael Thomas (IMMA) hoe het artistieke concept van liefde zich de laatste twee eeuwen ontwikkelde.  Hiervoor brachten ze meer dan 200 kunstwerken samen, waarvan een aantal voor het eerst aan het Ierse publiek voorgesteld werden.  Naast bekende  namen als Salvador Dalí, Louise Bourgeois, Damien Hirst en Yoko Ono was dit voor mij ook een eerste (en aangename) kennismaking met kunstenaars als Annab Dayou, Christodoulos Panayiotou en Kapwani Kiwanga. De curatoren verdeelden de tentoonstelling in drie delen. In het eerste deel wordt de bezoeker meegenomen naar de jaren 1920 en de opkomst van het surrealisme. Een tweede periode legt de focus op de socio-politieke veranderingen van de woelige jaren ’60, waarbij vooral aandacht uitgaat naar conceptuele kunst en performancekunst.  Het laatste hoofdstuk staat stil bij de complexiteit van hedendaagse relaties.

Van liefde en passie in de jaren ’20

Picasso’s schilderij ‘Le Baiser’ (1931) dat zich in de eerste zaal van de South East Wing bevindt, drukt perfect de toenmalige tijdsgeest uit. Deze kus is geen teder gegeven, geen samenvloeiing van gelijkgezinde geesten, het schilderij is zelfs brutaal te noemen. Het afgebeelde koppel vormt geen eenheid. Zijn ogen kijken weg, terwijl zij haar ogen in overgave sluit. De open monden met tanden zijn prominent aanwezig. Dit is geen liefdeskus, maar een aftasten van grenzen waar liefde nog slechts een klein onderdeel is.  Dit werk kadert perfect in de toenmalige tijdsgeest. De woelige nadagen van de Eerste Wereldoorlog en de angst voor het oprukkende spook van het communisme drukte op de Europese gemoederen.  Het opkomende surrealisme zette zich af tegen deze dreigende wereld. De Franse schrijver Georges Sebbag omschrijft het als volgt in de tentoonstellingscatalogus:

SURREALISM IS A PASSIONATE PURSUIT. A pursuit that  links night with the dream, the dream with love, love with madness. Lying within this quest, and bearing the hallmarks of desire, the flames of passion and the frenzy of madness draw up and set alight the enlivened canvases of the oneiric. They illuminate the vast scope of utopia or revolution.

Liefde en passie om de dreiging te verdrijven.  Bekende namen passeren de revue: André Breton, Man Ray, Marcel Duchamp en Salvador Dalí. Op sommige momenten dreigt hun werk het intimistische karakter van de kleine kamers waarin hun werk tentoongesteld wordt, te doorbreken.  De kamers van het IMMA smeken bijna om werk dat gereduceerd wordt tot zijn kern. Het werk ‘Das Paar’ van de Duitse kunstenares Meret Oppenheim illustreert dit perfect. De toeschouwer wordt geconfronteerd met twee rijglaarsjes die bij de punt samensmelten tot een geheel. Schoenen vormen een belangrijk onderdeel in Oppenheimers kunst, de erotische belichaming van een alledaags voorwerp: twee smelt tot één, maar wordt daardoor tegelijk tot een nutteloos voorwerp herleid.

Over conceptuele en performancekunst  in de jaren ’60

De zalen 5 tot 8 van de East Wing Galleries worden ingepalmd door conceptuele en performancekunst. Mei 1968 schudde veel vastgeroeste geesten los. De esthetische waarde van het kunstwerk werd ondergeschikt aan het idee.  Video en fotografie maakten hun intrede in de kunstwereld. Het bekendste werk in deze zalen is ongetwijfeld van de hand (of lens) van Yoko Ono. Op de foto staren ze me voor de zoveelste maal tegemoet vanuit hun bed. Love en peace als protest tegen de Vietnamoorlog. Ook Marina Abramovic en Ulay zijn van de partij met een foto van hun performance ‘Rest Energy’. Een pijl gericht op het hart van Abramovic, overgeleverd aan de genade van haar toenmalige levensgezel. De pijl loslaten zou fatale gevolgen hebben. Later hebben ze elkaar als partner losgelaten om elkaar tijdens een performance (The Artist is Present) opnieuw te ontmoeten: een van de ontroerendste momenten in de kunst.

Kapwani Kiwanga,Turns of Phrase Fig.1 (Upendo), 2012
Kapwani Kiwanga,Turns of Phrase Fig.1 (Upendo), 2012

Ook in deze zalen zijn er weer aangename ontdekkingen te doen.  In ‘New Faith Love Song’ van Garrett Phelan zie je een oude transistorradio waarvoor gouden hartjes liggen. Symbool voor de zoetgevooisde liefdesliedjes waarmee we steevast op zondagavond geconfronteerd worden of een moment van openbaring aan een onbekende liefde?  Wie van ons heeft nooit een liedje aangevraagd voor een nieuwe liefde? De Canadese kunstenares Kapwani Kiwanga leeft en werk in Parijs.  Kiwanga studeerde antropologie en vergelijkende godsdienstwetenschappen, wier invloed in haar kunst terug te vinden is. Met ‘Turns of Phrase’ keert ze terug naar haar Afrikaanse roots waarbij ze  gebruik maakt van ‘kangas’, stoffen die om het lichaam gewikkeld worden met daarop romantische zinsneden.  Op deze manier kunnen Tanzaniaanse vrouwen non-verbaal hun gevoelens uitdrukken.

Tot het individuele experiment in de hedendaagse kunst

Onze tijd kenmerkt zich door de herdefiniëring van begrippen. Onder toenemende sociale druk worden bestaande concepten, zoals geslacht en samenleven, opnieuw bekeken. Snel veranderende tijden hebben een grote invloed op sociale interactie. Mensen hollen voort en worden door de steeds sneller evoluerende maatschappij genadeloos voorbijgestoken.  Vervulling van ogenblikkelijk verlangen wordt de standaard. ‘We want it all, and we want it now’. En… wanneer dit verlangen vervuld wordt, rest er alleen maar leegte of het verlangen om deze leegte opnieuw te vullen met ander verlangen.

In de catalogus verwijst Eva Illouz in haar bijdrage ‘Against desire: a manifesto for Charles Bovary?’ naar de mythes van koning Midas en Tantalus. Hoewel hun straf in geen enkel opzicht met elkaar vergeleken kan worden, is het resultaat wel hetzelfde. Beiden slagen er niet in om het voedsel waarnaar ze snakken, te consumeren. Beiden blijven achter met een onbevredigd verlangen.  Dit gemis vinden we vaak terug bij de kunstenaars in het laatste deel van de tentoonstelling.  Verlangen naar meer, de hoogmoed van de goden, de val van de kunstenaar die zich te dicht bij de zon waagt: is er een levende artiest (buiten Jeff Koons) die meer voldoet aan deze stellingen dan Damien Hirst?  Zijn werk ‘I’ll love you forever’ toont opslagdozen voor medisch afval en een gasmasker in een afgesloten container.  Het verhaal moet je er zelf bij verzinnen, maar voor mij is dit werk de synthese van de hedendaagse hang naar kicks. Op weg naar een volgende (kunst)shot beseft de junk niet langer dat de kwaliteit van wat hij tot zich neemt, van mindere kwaliteit wordt.

Christodoulos Panayiotou, Slow dance Marathon, 2005_hires
Christodoulos Panayiotou, Slow dance Marathon, 2005_hires

Geef mij dan maar het kritische werk ‘Incommunicado’ van Mona Hatoum. De kunstenares toont ons een kinderbed ontdaan van alle lieflijkheid. Dit is geen bed waarin kinderen welkom zijn. Integendeel. Wie goed kijkt, bemerkt dat de onderkant van het kinderbed bestaat uit fijne ijzerdraden die genadeloos in de huid van het kind zullen binnendringen. De heikele positie van ongewenste kinderen, of kinderen uit gebroken gezinnen, kan niet harder weergegeven worden.  Ik eindig de tentoonstelling bij het werk ‘Slow Dance Marathon’ van de Cypriotische kunstenaar Christodoulos Panayiotou. De video toont koppels die ‘slowen’ op bekende klassiekers. De beweging is minimaal, alsof ze schrik hebben elkaar te verliezen in de beweging. Hun trage bewegingen vormen een schril contrast met de hectische tijden die zich een paar kilometer verder afspelen in Temple Bar of  winkelstraat Dawson Street. In de video heerst rust, stilte die alleen doorbroken wordt door muziek uit mijn jeugd. Muziek en koppels die in perpetuum mobile rond elkaar zweven.

Verwacht van de tentoonstelling  ‘What we call love’ geen snelle bevrediging van een cultureel verlangen. De kleine ruimtes lenen zich er perfect toe om nog eens terug te keren naar een bepaald kunstwerk, om opnieuw stil te staan bij wat je daarnet niet zag. Tentoonstellingen hebben grote namen nodig om publiek te trekken. We leven nu eenmaal in tijden van intense belevingsdrang. Neem voor deze tentoonstelling even de tijd om kennis te maken met minder bekende kunstenaars en erin te slagen waar Midas en Tantalus faalden: genieten van wat aangereikt wordt.

De tentoonstelling What We Call Love: From Surrealism to Now loopt nog tot 7 februari 2016 in het Irish Museum of Modern Art te Dublin. Website: http://www.imma.ie/en/page_236945.htm

Deze recensie verscheen eerder in Het Beeldende Kunstjournaal van oktober 2015

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s