Lettergoesting

Over kunst en letters en hun plaats in mijn leven

SIEGFRIED, APRÈS NOUS LE DÉLUGE

Nov 2007- In de Vlaamse Opera van Gent loopt momenteel Siegfried, het derde deel van de Nibelungenring waarin Ivo Van Hove weer zijn best doet om opera de moderne tijd in te trekken. Ik ging langs en keerde weer met een tweeslachtig gevoel. Hoe bereid je je voor op dergelijke opera? Vijf uur met pauzes. Als product van een zapgeneratie is het moeilijk om zo lang geconcentreerd op mijn stoel te blijven zitten. Voor de oudere generatie is Wagner een toonbeeld van Duitse Gesamtkunstwerke: hoe gaan zij om met de moderne interpretatie van de componist? Een eerste kennismaking met Wagner kan je deze opera niet noemen. Gevechtshelikopters die laag overvliegen terwijl uit luidsprekers de oorverdovende Walkürenrit weerklinkt. Wellicht voldoende om een Vietnamees af te schrikken die op dat moment zit te genieten van een tasje groene thee en een noedelsoep, maar voor mij was het een openbaring van zuivere harmonie die gebruikt werd voor een verkeerd doel. Sinds ‘Apocalypse Now’ is Wagner niet meer uit mijn leven verdwenen. Neen, ik ben nog niet in Bayreuth geweest en ken niet alle aria’s uit het hoofd, maar ik kan wel genieten van de frêle sopraanstem van de Woudvogel of de klaagzang van Erda die uit haar kennisdroom gewekt wordt door een verstarde Wotan.
Als voorbereiding op Ivo Van Hoves bewerking kijk ik nog eens naar de versie van Patrice Chéreau met Manfred Jung als de onuitstaanbare Siegfried.Ik krijg het er niet warm van. Een ettertje eerste klas dat nooit rekening houdt met zijn medemensen en daarvoor (naar mijn mening) in het derde deel van de Ringcyclus nog voor beloond wordt. Ook de tenorpartijen zijn niet aan mij besteed. Ik ben een bas-baritontype. Combineer deze tenorpartijen met de hoornpartij van Siegfried (waar hij zo zijn best doet om niet op zijn hoorn te blazen) en Fafner die op het podium gerold wordt (de draak is amper een karikatuur van zichzelf te noemen) en ik heb het gevoel dat een nieuwe Siegfriedadaptatie zich opdringt.
opera

De promotie voor Van Hoves Siegfriedadaptatie krijgt in ieder geval de nodige aandacht. Terwijl in Antwerpen het proces van Hans Van Themsche in volle gang was, kijkt een koele Seung-Hui Cho (de Zuid-Koreaanse student die in april van dit jaar 32 studenten doodschoot op de Campus van Virginia Tech) de voorbijgangers aan vanop posters voor de nieuwe Siegfriedproductie. Kunst die een geweten wil schoppen of wil provoceren om te provoceren? De storm van protest gaat zoals steeds liggen. Nieuws is nooit langer dan een paar uur nieuws.

Het is 25 november 2007. Locatie: Gent. Uur: 15.00 u
De scène hightech noemen is een understatement. Overal computers en randapparatuur. Rechts een keuken waar de computernerds Mime en Siegfried eten klaarmaken wanneer de honger begint te knagen. Aan de andere kant een microgolfoven om de laatste restjes pizza op te warmen. Siegfried (tenor Lance Ryan) heeft het gewoon. Hij is een etter die je toeschouwer vanaf het eerste moment op zijn bek wil slaan. Geen respect voor mens noch machine. Meer dan eens worden attributen over het podium gesmeten. Eenmaal, goed, tweemaal, och ja, maar als na een tiende keer weer eens een steen of scherm door de lucht vliegt, dan hou ik het voor bekeken. Nadruk leggen op zinloos geweld mag, overkill verveelt. De monsterrol van Siegfried mag bewondering oogsten. Bijna vier uur op de bühne staan zie ik mezelf niet doen, maar de stem van Ryan … er scheelt iets aan. Ik ben geen muziekkenner, maar ik weet wel waar ik het warm van krijg. Deze stem doet me niets. Een perfect zingende computer die prachtig past in de omgeving, meer niet. Mime (tenor Peter Bronder) daarentegen is voor mij de ster van de avond. Steeds weer laat hij zich de stemmingen van Siegfried welgevallen, slikt vernederingen en ondergaat mishandelingen. In tegenstelling tot de bewerking van Chéreau laat Van Hove Mime veel meer tot leven komen. Hier is een man die lijdt onder de vernederingen, bij Chéreau is het een wezen dat ruggengraatloos door het leven kruipt. Ook de vraagscène tussen Mime en Wotan (een heel wisselvallige James Johnson) levert een grandioos stuk zanggeweld op.
opera_siegfried
Ondertussen flikkeren op het podium  tientallen computerschermen. Mime werkt op een computer in een windowsomgeving. De meestersmid (programmeur) slaagt er niet in om het gebroken zwaard Nothung te hersmeden. Als het Siegfried wel lukt, en als dit toevallig op een Mac gebeurt, kan ik amper een glimlach onderdrukken. Daar hou ik van: knipogen. Nothung is niet langer een zwaard, maar een RFID. Radio Frequency Identification Device is een techniek die het mogelijk maakt om iemand/iets overal te volgen. Big Brother komt steeds dichter. Dat deze RFID het dodende zwaard vervangt, zegt ook iets over de ondertoon van de moderne techniek op de mensheid. Als Siegfried op het einde van het eerste bedrijf vertrekt, vernietigt hij zijn en Mimes werkplaats. No way back.
De broodjes en de wijn tijdens de pauzes zijn een welkome verpozing. Rondom mij wordt er getelefoneerd en vingers ratelen tekstberichtjes op de gsm. De technologie van de opera wordt een verlengstuk in de pauze.
In het tweede bedrijf is de vernieling van de technologie (of moet ik zeggen dóór de technologie) ingezet. Nog steeds vliegen schermen en keyboards door de lucht, maar ik erger me er niet meer aan. De confrontatie tussen Wotan en Alberich (Werner van Mechelen) brengt niet het verwachte vuur: twee stemmen in confrontatie zonder echt in duel te treden. De draak Fafner is in de regie van Van Hove een kale kolos met een ringbaardje (bas James Moellenhof) die niet slecht zou staan als buitenwipper in het beruchte Gentse glazen straatje. Hoe Siegfried met zijn RFID Fafner aan zijn einde helpt is op zijn minst explosief, al blijft het fenomeen van een killer hand overdreven. Als verfrissende revelatie in het tweede bedrijf krijgt de invallende sopraan Insun Min van mij een tien op tien. Verborgen in een oversized sweater waarschuwt ze, als Woudvogel, Siegfried voor de snode plannen van Mime. Op dit moment van de opera wist ik niet meer of ik stiekem moest hopen dat Mime er toch in zou slagen om Siegfried van kant te maken. Och ja, er vlogen weer computers en stenen rond. Mime krijgt een overdosis killer hand te verwerken en het Koreaanse nachtegaaltje Min brengt Siegfried op de hoogte van de bruid in de vuurcirkel.
Pauze. Tijd voor een broodje en een glaasje wijn. Ik zie een aantal bekende gezichten tijdens de pauze. Ik ken ze wel, maar zij mij niet. Bekende politica, bekende Gentse. Ik heb er ondertussen drie uur Wagner opzitten. Het wordt zwaar.
Vooral omdat het laatste bedrijf me minder aanspreekt. Ik ben niet te vinden voor die liefdeszangen die twintig minuten duren. Ook de confrontatie tussen Erda en Wotan mag voor mij geschrapt worden. In een totaal vernielde omgeving slaapt Erda (mezzosopraan Elzbieta Ardam) haar wijsheidsdroom. Ze wordt daarin brutaal gewekt door Wotan, die er ondertussen uitziet alsof hij net uit de instortende Twin Towers ontsnapt is. Als het duet tussen Alberich en Wotan al een beetje naast elkaar liep, dan is zeker deze samenzang zo koel dat er niets meer overblijft tussen de ex-geliefden. De confrontatie tussen Siegfried en Wotan in de nieuwe adaptatie wordt bij momenten zelf komisch. Als Siegfried op een gegeven moment zingt waarom deze vreemdeling zijn gezicht verbergt achter een hoed en Wotan helemaal geen hoofddeksel op heeft, dan glijdt het geheel een beetje af naar een opera buffo. De kracht van de confrontatie gaat verloren door details die gemakkelijk opgelost konden worden.
Als de hoogmoedige Wotan bekent dat zijn speer het zwaard Nothung al eens eerder vernietigd heeft, beseft de rebelse Siegfried dat de moordenaar van zijn vader voor zijn neus staat. Wotan delft in de confrontatie het onderspit: de val van de goden is nabij. Qua technisch effect kan de vuurring die Brünnhilde moet beschermen tegen indringers, tellen. Groen stroboscooplicht schittert op de bühne en creëert de illusie niet langer in een operahuis, maar in een megadiscotheek te zijn. Brünnhilde (een licht verkouden Jayne Casselman) wordt wakker gekust door Siegfried. Deze laatste leert angst kennen en roept op zijn overleden moeder. Wat volgt is een liefdeszang tussen de twee geliefden die op dat moment te lang duurt. We zijn bijna vijf uur verder. De Gentse opera is warm. De vermoeidheid treedt in. De liefdeswoorden gaan aan mij voorbij.
Rondom mij zie ik mensen vertrekken als de laatste noten weerklinken. Ik blijf nog even kijken. Ik wil zien wie het meeste applaus oogst. Mime wint het met voorsprong. Het applaus bij de prestaties van Siegfried klasseer ik onder beleefd. Een mooie vocale prestatie maar weinig persoonlijkheid. Het regende een beetje toen ik de Vlaamse Opera verliet. Na De Walküre was ik stil, onder de indruk. Na Siegfried was ik stil, moe en lichtjes teleurgesteld.
Dit artikel verscheen een ganse tijd geleden in Urbanmag. Ik heb de vrijheid genomen om het aan te passen aan de nieuwe tijden.
Advertenties

Eén reactie op “SIEGFRIED, APRÈS NOUS LE DÉLUGE

  1. Pingback: Akhnaten: de recensent zag een andere opera | Lettergoesting

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht was geplaatst op 09/11/2014 door in opera, recensie en getagd als , , , , , .
Follow Lettergoesting on WordPress.com

Blogstatistieken

  • 19,277 hits
november 2014
M D W D V Z Z
« Okt   Dec »
 12
3456789
10111213141516
17181920212223
24252627282930
%d bloggers liken dit: